Provincie Zuid-Holland vraagt kabinet structureel meer geld voor gemeenten

Gepubliceerd op 26 juni 2020



De provincie wil de grenzen van de wet opzoeken bij het beoordelen van de financiën van gemeenten als het rijk hen niet structureel meer geld geeft. Gedeputeerde Staten is opgelucht met de belofte van het kabinet om gemeenten incidenteel te compenseren voor de gevolgen van de coronacrisis, maar stelt dat structureel meer geld nodig is om het voortbestaan van bibliotheken, zwembaden en verenigingen te garanderen. Niet eerder nam een provincie als financieel toezichthouder zo stelling in het debat over de geldproblemen bij gemeenten.

“Als toezichthouder zijn wij streng maar rechtvaardig”, stelt gedeputeerde Floor Vermeulen. “Nu komen we tot het punt waarbij het niet meer rechtvaardig wordt om gemeenten te dwingen keuzes te maken die maatschappelijk niet verantwoord meer zijn. Dan gaan we als provincie naast onze gemeenten staan en vragen het rijk: geef onze gemeenten weer financiële ruimte.”

Eerder uitte de provincie al haar zorgen bij het kabinet over de structurele tekorten bij gemeenten voor de jeugdzorg en de huishoudelijke hulp, WMO. Nu is de coronacrisis er bovenop gekomen. Ook de provincie zelf kent financieel geen rooskleurige situatie. Gedeputeerde Staten verwachten dat de gemeenten buiten hun schuld om hun financiële huishoudboekje voor volgend jaar alleen op orde kunnen brengen door fors te bezuinigen. Daardoor dreigen inwoners hun favoriete zwembad kwijt te raken of bibliotheek, terwijl deze instellingen zorgen voor verbinding. “Daar moeten we zeker nu heel zuinig op zijn”, staat in de brief.

Schuren tegen de wet

Als structureel hulp vanuit het rijk uitblijft, overwegen Gedeputeerde Staten gemeenten zo veel mogelijk de ruimte te geven zelf financiële keuzes te maken. “Het kan zijn dat wij – uiteraard na goede afstemming met onze collega-provincies en het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties – er uiteindelijk voor kiezen tegen de grenzen van het wettelijk medebewind aan te schuren. Het uitgangspunt in onze Grondwet dat gemeenten een autonome bestuurslaag met een open huishouding vormen, nodigt wel uit tot enige interpretatieruimte.”

Gedeputeerde Staten wijzen in hun brief ook op de ambities van gemeenten om de overstap te maken van fossiele brandstoffen als gas naar elektriciteit en aanpassingen voor veranderend klimaat. “Vermeden moet worden dat deze opgaven niet verder kunnen worden gebracht, omdat gemeenten het zich niet kunnen veroorloven om mee te doen.” Gedeputeerde Staten roepen het kabinet op dat juist nu Nederland een “één saamhorig en elkaar steunende overheid nodig heeft. In het belang van onze inwoners.”