Naamwedstrijd Tunnelboormachine




In juni 2019 start de Tunnelboormachine (TBM), van 100 meter lang en 11 meter hoog, ter hoogte van recreatiegebied Vlietland met het boren van de eerste tunnel voor de RijnlandRoute. Voordat de TBM de eerste meters aflegt, wordt zij ingezegend. Dit is een oude traditie ter bescherming van mijnwerkers en tunnelbouwers.

Volgens de traditie krijgt de boor ook een vrouwelijke naam. Daarom organiseert de provincie Zuid-Holland in samenwerking met aannemerscombinatie Comol5 een naamwedstrijd.

Eerst hulp gevraagd aan scholen

Aan een aantal scholen langs het tracé van de RijnlandRoute is gevraagd een naam te verzinnen. Floor Vermeulen, gedeputeerde procincie Zuid-Holland en jurylid, richt zich daarvoor tot de leerlingen van deze scholen uit groep 6, 7 en 8: “Ik wil jullie vragen om mij hierbij te helpen. Bedenk een naam voor de TBM en misschien staat die naam dan straks wel op de boormachine!”. Bekijk het filmpje over de naamwedstrijd Tunnelboormachine.

Jury

Een deskundige jury met vertegenwoordigers van de provincie en aannemerscombinatie Comol5 beoordeelt alle inzendingen en kiest maximaal 5 namen uit. Bij de beoordeling van de namen kijkt de jury of de namen creatief, inspirerend en aansprekend zijn. En de inzendingen moeten aan het reglement voldoen.

Iedereen mag stemmen

Van 8 april tot 20 april zijn de mooiste namen op deze website vinden en dan mag iedereen via de site of in het informatiecentrum RijnlandRoute zijn of haar voorkeur aangeven. Nog even geduld dus! De naam met de meeste stemmen wordt de definitieve naam van de Tunnelboormachine.

Speciale Tunnelboordagen en gratis lesprogramma

Scholen langs het tracé van de toekomstige RijnlandRoute krijgen - als de wedstrijd loopt - de kans om deel te nemen aan de speciale Tunnelboordagen in het informatiecentrum RijnlandRoute. Er is een gratis en leuk lesprogramma voor groep 6, 7 en 8 samengesteld, gericht op het tunnelboorproces. Dit educatieve lesprogramma blijft ook na de wedstrijd beschikbaar voor scholen. Neem hiervoor contact op met het informatiecentrum.