Ontwikkeling RijnlandRoute




Faseringsvolgorde aanleg

In februari 2015 heeft de provincie de bedrijven BESIX, Heijmans, BAM en Van Gelder gevraagd welke faseringsvolgorde zij adviseren voor de aanleg van de RijnlandRoute. Mede op basis van de uitkomsten van de marktconsultatie worden eerst het boortunneltracé, de A4 en A44, de knooppunten Hofvliet en Ommedijk en de aansluiting Leiden-West gerealiseerd. Daarna worden de Europaweg en het Lammenschansplein aangepast. De start uitvoering van de Ir. Tjalmaweg is in grote mate afhankelijk van de planologische procedures en doorlooptijden van omliggende projecten en daarom qua fasering logischerwijs niet gekoppeld aan de aanleg van het tunneltracé.

Volgens BESIX, Heijmans, BAM en Van Gelder wordt keuze voor de meest logische, verstandige en realistische faseringsvolgorde mede bepaald door de mate van geoorloofde verkeershinder op de knelpunten ten tijde van de bouw.

Door eerst het tunneltracé te realiseren wordt een alternatief voor doorgaand verkeer gecreëerd. Doordat het doorgaande verkeer dan geen gebruik meer maakt van het Lammenschansplein, kunnen de werkzaamheden hier worden uitgevoerd met minder omgevings- en verkeershinder.

Het aanpassen van de Europaweg en het Lammenschansplein voor aanleg van het tunneltracé zorgt ter plaatse voor een betere doorstroming. Maar omdat er voor doorgaand verkeer nog geen alternatief is in de vorm van het tunneltracé zullen de knelpunten op de bestaande route via de Churchillaan niet opgelost worden. Dat gebeurt pas na oplevering van het tunneltracé.

De aanpassingen aan de Ir. Tjalmaweg hebben een sterke relatie met de te realiseren busbaan voor R-NET en de ontwikkeling van de woningbouwlocatie Valkenburg. Omdat beide projecten de Ir. Tjalmaweg fysiek raken heeft het de voorkeur om de gewenste aansluitingen op, over en naast de weg gelijktijdig uit te voeren. Daardoor kan omgevings - en verkeershinder beperkt worden en kosten bespaard worden. Het moment van realisatie van de Ir. Tjalmaweg is daarom mede afhankelijk van de planologische procedures van deze projecten.

Weidevogelcompensatie

De RijnlandRoute maakt gebruik van de provinciale subsidieregeling natuurcompensatie Zuid-Holland om weidevogelcompensatie voor de RijnlandRoute te realiseren. De afspraken voor de uitvoering van de compensatie zijn rond. Hiervoor zijn overeenkomsten met agrariërs in de omgeving van Leiden gesloten. Zij zullen in het voorjaar 2016 starten met extra inrichtings- en beheermaatregelen, zoals het uitstellen van de maaidatum tot 15 juni en het gedeeltelijk plas-dras zetten van de percelen.


Meer informatie

Lees meer over de subsidieregeling Natuurcompensatie Zuid-Holland.