Nieuwjaarstoespraak van Jaap Smit




Nieuwjaarstoespraak van Jaap Smit, commissaris van de Koning in Zuid-Holland, Den Haag, 9 januari 2019

Dames en heren,

Hartelijk welkom hier in het provinciehuis.

Terugkijkend op het afgelopen jaar en vooruitkijkend naar dit net begonnen nieuwe jaar, waande ik mij terug in de tijd op een kazerne in Noord-Duitsland waar ik van 1988 tot 1992 werkzaam was als geestelijk verzorger bij het bataljon Limburgse Jagers in Seedorf.

Het bataljon won elke wedstrijd die er gehouden werd. De Bartelsbeker (een soort militaire triatlon), de Menno Coehoorn prijs (voor het schieten met mortieren) en andere prijzen waar ik even de naam van vergeten ben.
Het ging fantastisch en op elk lijstje stonden we bovenaan of in de hoogste regionen. Het ging dus ‘waanzinnig goed’……..

Op een morgen stapte ik de kamer van de commandant in, sloot de deur en ging voor zijn bureau staan. Ik zei hem: “Het gaat niet goed met je mensen en je bataljon…….”. Hij keek mij aan en begon wat te brommen: “Hoezo, ga weg man, we winnen alles, zo goed is het nog nooit gegaan.”

Ik antwoordde: “Ja, dat is waar, maar het is de helft van het verhaal. Je prijzenkast loopt vol en wordt te klein, maar ik hoor in mijn rondgang veel geklaag van doodvermoeide mensen en ondersteunende diensten die op hun laatste benen lopen.

Zij scheppen de voorwaarden waarop jij met je mensen kunt scoren, maar houden dit zo niet veel langer vol…..”. Hij ging zitten en hoorde mijn verhaal aan.

Vervolgens schonk hij er aandacht aan bij het eerstvolgende appèl waar alle duizend mannen en enkele vrouwen stonden aangetreden……Het gaat goed, kan niet beter, maar het gaat ook niet goed…..

Ik zit nu vijf jaar in een ander soort kazerne en heb de neiging om opnieuw de kamer van een ‘commandant’ in te lopen en een soortgelijk gesprek aan te gaan.

Mark, ik moet wat aan je kwijt…….In mijn provincie gaat het uitstekend.
Laat ik daarmee beginnen. Ons rapportcijfer waar het gaat om bereikbaarheid en benaderbaarheid is opnieuw gestegen. Gemeenten en anderen doen in toenemende mate graag zaken met ons en weten ons steeds beter te vinden.

Wijzelf kruipen steeds meer uit de kokers die ons lang gevangen hebben gehouden en hebben steeds meer zicht op de integraliteit van onze opgaven en verantwoordelijkheden.

We zijn gestegen naar plaats 2 van de meest innovatieve regio’s en volgend jaar streven we gewoon onze Brabantse vrienden voorbij, dat verzeker ik je.

De samenwerking met de metropoolregio Rotterdam-Den Haag is in de afgelopen jaren gegroeid tot het niveau van vanzelfsprekendheid en uitstekende verhoudingen.

Dat geeft enorm veel energie om samen met de Economic Board Zuid-Holland, Innovation Quarter, de verschillende regio’s binnen de provincie onze gezamenlijke ambities vorm te geven.

De werkloosheid is enorm gedaald en de economische vooruitzichten zijn goed, zij het dat wij in onze provincie nog een tandje bij moeten zetten om het tempo bij te houden.

Ik ben dus op vele fronten tevreden en ben trots op deze ‘waanzinnig gave’ provincie…..

Je noemt ons land en onze democratie een ‘teer vaasje’ en iedereen kent inmiddels dat beeld. Een teer vaasje, mooi en kwetsbaar tegelijk. Niet één of ander plastic wangedrocht dat wel een stootje kan hebben, nee, een teer vaasje.

Iets waar wij voorzichtig mee om moeten gaan en vooral niet uit onze handen moeten laten vallen….

Ik zou naast dat beeld van dat vaasje een beeld willen toevoegen, namelijk dat van ‘een stenen kruik, die te water gaat totdat hij barst’.  Met andere woorden: er gebeuren dingen die dat tere vaasje van ons in gevaar brengen.

We zien het gebeuren, maar wat kunnen we doen om dat tij te keren…..? ‘Moet alles kunnen’, onder het mom van vrijheid en verdraagzaamheid? Is grenzeloos gedrag van mensen iets wat bij deze tijd hoort?

Is onze jaarwisseling inmiddels voor sommigen het moment om totaal uit de band te springen en moeten we dat accepteren? Wordt het het nieuwe normaal wanneer we ons moeten afvragen of informatie betrouwbaar is, wat waar en niet waar is, of dat wij voortdurend op onze tellen moeten passen bij allerlei nieuws dat ons via de vele kanalen bereikt?

Is er nog houvast te vinden, nu religie en wetenschap in de ogen van sommigen in dezelfde categorie dreigen te komen, namelijk die van ‘geloof’.
(Dat is overigens wel weer mooi of liever bizar, dat die aloude tegenstelling tussen religie en wetenschap nu is opgelost door hen beide te verklaren tot geloof……) Je hebt het of je hebt het niet en het is louter subjectief of je er waarde aan hecht.

Alles is immers ‘slechts’ een mening en meningen kunnen verschillen.
‘Ik heb gelijk, jij hebt gelijk,’ om een parafrase te maken op de slogan uit de 60er jaren: ‘Ik ben oké, jij bent oké’. (Er blijkt trouwens ook een uitgave uit 2010 te zijn onder de titel: Ik ben oké, jij bent een sukkel….)

Dat tere vaasje vraagt om zorgvuldigheid en zorg, en onderhoud!  Op alle lijstjes bovenaan, het gaat ongelooflijk goed, maar het gaat ook niet goed……

Ja, met mij gaat het wel goed, maar met ons niet, zoals Paul Schnabel treffend beschrijft in zijn boek. Kijk uit, zet dat vaasje niet zo gevaarlijk dicht bij de rand van de tafel! Anders valt het er zo vanaf en ligt het in scherven…..!

Ik gebruik vaak de term: ‘groot denken…..’ en daarmee wil ik zeggen dat wij in deze complexe tijden niet te nauw en bekrompen moeten denken en ons niet moeten afsluiten voor de wereld om ons heen.

Die vroegere dijken en muren waar sommigen zich achter willen verschansen, zullen niet de gewenste rust en veiligheid brengen en ook niet de romantiek van weleer.

Waar het om gaat is om de ontwikkelingen te zien, de berg op te gaan en vervolgens dat wat je ziet te vertalen in begrijpelijke en behapbare besluiten en plannen om in te spelen op wat gebeurt.

Dat is wat Herman Tjeenk Willink ook in zijn boek: ‘Groter denken, kleiner doen’, beschrijft. Lees dat boek!

Daarin beschrijft hij hoe onzorgvuldig wij in de afgelopen decennia zijn omgegaan met de noodzakelijk randvoorwaarden voor het goed functioneren van onze democratie en rechtstaat. Daarbij staat de vraag centraal wat ons als samenleving nog bindt, nu oude structuren zoals de verzuiling zijn weggevallen.

Hij komt tot de conclusie dat het onze rechtstaat is met de daarin verankerde waarden en normen, die ons nog bindt. Als we die kwijtraken, dan gaat het mis.

Als je te lang onzorgvuldig omgaat met alles wat bijdraagt aan het goed functioneren van onze democratie en rechtstaat dan valt dat vaasje een keer over de rand.

In de afgelopen decennia is het geloof in marktwerking enorm geworden.
De ‘ondernemende overheid’ die de ‘BV Nederland’ als een groot bedrijf runt.

Efficiency en moderne management theorieën vonden hun weg en doordesemden het functioneren van zorg, onderwijs, politie, rechterlijke macht etc.

Het is te ver doorgeschoten wat vervreemding en ontevredenheid bij zowel functionarissen in de genoemde gebieden als bij de ‘klanten’ heeft geleid. Ik maak overigens al langer bezwaar tegen de opvatting dat overheid en inwoners in een klant-leverancier verhouding tot elkaar staan. Die overheid is van ons allemaal en voor ons allemaal!

De grote getallen en gemiddelden zien er goed uit, maar het individu voelt zich vaak verdwaald en verweesd in de systemen. We verlangen en moeten terug naar de menselijke maat en weg van wantrouwen en overdreven controle, naar vertrouwen en ruimte voor professionaliteit. En dat dat geld kost, is evident, maar dat hoort bij goed onderhoud van de noodzakelijke randvoorwaarden van een vitale democratie en rechtstaat!
(We kunnen ons trouwens ook de vraag stellen wat die enorme controledwang kost.)

Nederland is niet een BV, maar een samenleving met een hoge mate van beschaving. En bij een hoge mate van beschaving hoort een sterke en vitale overheid die het collectief dat wij als samenleving vormen, op goede en menswaardige wijze leidt en bedient.

Waar mensen niet buiten de boot vallen, waar het individu niet totaal verdwijnt in het systeem of geautomatiseerde processen. Het adagium moet niet zijn een ‘kleine overheid’, maar een ‘sterke en vitale overheid’ die niet gerund wordt als een bedrijf met winstoogmerk, maar als een hoeder van recht, veiligheid, ontwikkeling en zorg naar menselijke maat.

Een overheid die zich niet louter beperkt tot een regierol en vervolgens voor elke competentie of kennis moet shoppen op de markt, maar met kennis van zaken en dus met gezag optreedt.

Onze democratie en rechtstaat zijn in deze dagen veel besproken onderwerpen. Het zijn de elementen van dat tere vaasje en tegelijkertijd de kracht van onze samenleving. Democratie vraagt inzet van ons allemaal.

Het is goed dat de commissie Remkes met een reeks aan verbetervoorstellen komt om onze democratie vitaal te maken en te houden, maar wat je ook bedenkt: het vraagt ook betrokkenheid en inzet van ons allemaal.

Democratie is niet een gezelschapsspel dat aantrekkelijk gemaakt moet worden, wat mij doet denken aan het combootje in de kerk in de hoop daar jonge mensen mee te winnen.

Ik kan u zeggen: het werkt niet……Democratie is meer leven vanuit het besef dat je als inwoner medeverantwoordelijk bent voor het collectief dat wij als samenleving zijn.

Je kunt je niet louter afzijdig houden en vervolgens anderen die hun verantwoordelijkheid pakken afschrijven als een plucheplakkende elite…….
Natuurlijk moeten wij nadenken over modernisering en onderhoud van ons democratisch proces, maar ten diepste gaat het om de vraag of we er allemaal in geloven en ons ervoor willen inzetten. Daar zit ook de teerheid van het vaasje.

Er is overigens een merkwaardige paradox waar het gaat om de democratieën in deze tijd.

We zien het om ons heen gebeuren. We willen meer zeggenschap en inspraak en tegelijkertijd nemen mensen op vele plekken hun toevlucht tot autoritaire leiders die zich weinig van het democratische proces lijken aan te trekken.

Mensen zoeken een verhaal waarmee zij zich kunnen verbinden, een persoon die hen inspireert en met wij zij zich kunnen identificeren, die richting geeft en hen waar nodig bij de hand neemt en ook grenzen durft te stellen als dat moet.

En dat laatste is vaak moeilijk vanuit de angst mensen van je te vervreemden.

Er wordt wat afgetafeld met elkaar in de hoop draagvlak te creëren, we leggen voortdurend onze oren te luisteren bij wat peilingen zeggen en proberen vervolgens dat te zeggen wat de mensen graag willen horen.

En daar groeien het respect en het vertrouwen niet mee! Ja, het is prima en noodzakelijk om het gesprek met de samenleving voortdurend te zoeken en te onderhouden, maar niet alleen met een luisterend oor, maar ook of juist, met een goed en overtuigend verhaal.

Anders raken mensen de weg kwijt in deze ingewikkelde wereld van vandaag. Ik geloof er niet in dat iedereen over alles wil meepraten.
Velen zullen zeggen of denken: “Regel dat, daar zit je voor op die plek.”
“Maar kom dan ook met een goed verhaal waar ik iets mee kan en mij het gevoel geeft dat er rekening met mij wordt gehouden.” Velen zoeken richting en leiding die hun onzekerheid ziet en binnen de perken houdt. Wij zijn niet allemaal kosmopolieten die het liefst in alle individuele vrijheid eigen keuzes willen kunnen maken.

Een kostbaar teer vaasje en een kruik die in het water ligt…… Dat getuigt niet van robuustheid en staat ons niet toe om vanuit een rotsvast vertrouwen ervan uit te gaan dat alles vanzelf wel goed zal blijven gaan, want dan barst op een gegeven moment die kruik en valt het vaasje aan gruzelementen.

Er is ook geen reden tot paniek, maar wel een reden om waakzaam en alert te zijn. En dat is ook de oproep waarmee ik wil afsluiten. Ik hoef niet naar dat Torentje voor dat goede gesprek.

Die verantwoordelijkheid ligt ook niet alleen daar, maar bij mensen zoals u en ik evenzo. Wij leven in een land waar alles gezegd mag worden. Dat is een groot goed, maar dat betekent niet dat alles ook onweersproken hoeft te blijven……..

Durf de ander aan te spreken als hij of zij een loopje neemt met vastgestelde feiten. Durf de ander aan te spreken als die uitspraken doet die in strijd zijn met onze Grondwet. Durf zelf als politicus en als bestuurder met een goed verhaal naar buiten te gaan en mensen mee te nemen in de oplossingen voor de vraagstukken van deze tijd.

Speel niet op de man, dat vervuilt het beeld van de politiek enorm. Speel op de bal en luister met een natuurlijke nieuwsgierigheid naar de inbreng van de ander om te ontdekken of zijn of haar voorstel de zaak nog beter zal helpen.

En, laat bij ons denken en handelen niet automatisch het economische rendement de doorslag geven, maar veeleer het maatschappelijke rendement.

Tot slot: we gaan weer naar de stembus op 20 maart voor Provinciale Staten en waterschapsverkiezingen en later in het jaar voor het Europese Parlement.

Ik wens de dames en heren politici een mooie en sportieve campagne toe waarin het niet alleen zal gaan over het rapportcijfer van het zittende kabinet, maar om zaken die van belang zijn hier in de provincie.
Ik ben benieuwd naar de samenstelling van de nieuwe staten en het nieuw te vormen college.

Ik zal er met alle mensen hier in huis aan blijven werken dat wij gekend zullen worden en blijven als een onderdeel van die sterke en vitale overheid die weet wat er speelt en komt met een goed verhaal.

Dames en heren, 2019 is het zesde jaar van mijn CdK (Commissaris van de Koning)-schap hier in deze mooie provincie. Het betekent dat de vraag aan de orde komt of ik na deze eerste termijn door wil gaan. Daar hoef ik niet zo lang over na te denken.
Ik voel mij op mijn plek, zeer verbonden met de provincie en de mensen die daarin en daarvoor werken en hoop dat de volgende nieuwjaarstoespraak de eerste is van mijn tweede termijn!

Ik zie ernaar uit om ook in de volgende jaren met u te blijven bouwen aan deze sterke en prachtige provincie waar ik trots op ben!

Aan de slag in dit nieuwe jaar!