De realiteit van Zuid-Holland




O, Zuid-Holland, ik kan niet zeggen:

"Wát een prachtige vergezichten

over de groene heuvels!", noch

dansen je gemsbokken in de sneeuw

of zijn je woestijnen met je kratermeren

een wonder van vervreemding

waar we stil van worden. Zelfs

lukt het niet te schrijven

dat je een parel in de zon bent,

een stille toendra om in te rusten,

laat staan een beekje om de vlekken

van cranberry op je tuniek in uit te wassen.

Ik kan dat allemaal niet zeggen en

schrijven. Daarvoor ontbreekt teveel

steppe en savanne, lonkt Ibiza in al zijn

afwezigheid. Zelfs Natura 2000 maakt

van deze provincie geen

mindful feest, noch een plek

voor bergwandelingen.

Je bent een plek van zoveel niet,

een kolkende rivier waarin je alles met drie komma zes miljoen

moet zien te doen - een fabriek

van lusten en van lasten en

iedereen zit elkaar in de weg. Je bent

een plek van onderdak, van

een alomtegenwoordig zijn, een plek

van pijn waar het misschien lukt

jezelf te zijn in individuele krapte

tussen de machines en het schaamgroen

aan de randen. Je bent cultuurland

met tongen vol bezweringen voor

alles wat naar het leven staat.

Maar je bent mijn land, mijn postzegel.

Schaamteloos, de millimeter die me trots

maakt, aanwezig in drukte, welvaart en genot,

land dat ruimte biedt

en bieden blijft

aan alles van hier en niet hier, als

het Droste-effect desnoods:

achter alles zit weer alles

en alles is weer anders.

In Blijdorp speelt een zeeotter,

in de Gouwe Wiericke wordt erfgoed herbestemd,

de economie staat op Voorne-Putten even stil rond

lunchtijd en vanonder Westlands glas

wordt er een wereld gevoed.

Er wordt naar water geboord

in plaats van gas.

Zo ben jij. Je beseft,

dat altijd alles moet,

en altijd zal moeten:

het bieden van ruimte

aan dat, wat niet van jou is

en toch van jou is.

Aan dat wat anders kan.

In dat land zie ik

een dronken student op een brakke fiets

een enkele zwerver op de hoek van een parkbankje

een man in pak die hem twee euro toestopt -

ik zie een dorp zeven meter onder zeeniveau.

een land waar water anders stroomt

ik zie alles binnen afzienbare tijd

ondanks de kleine file op de N-weg

en de vertraging tussen Dordrecht en Delft

ik zie velden vol bloemen uit bollen die

we ooit uit noodzaak eens hebben moeten eten.

En ik hoor over jou:

ik hoor een verwijt dat niet alles perfect is;

ik hoor een compliment dat niet alles perfect is.

Ik hoor een ruzie,

ik hoor een debat,

ik hoor een dialoog,

ik hoor een gesprek,

ik hoor een compromis –

je bent mijn land,

mijn millimeter trots,

ik ruik en voel en proef je:

mijn realiteit

vaart in je uit.

Geschreven en voorgedragen voor de Provinciale nieuwjaarsreceptie op 11 januari 2018.


Gedicht downloaden