Nedersoja: de hipsterkoffie voorbij




Wie heeft er tegenwoordig geen mening over soja? Sommigen zien in dit boontje groen goud, anderen zien soja als een complot van veganisten met baarden en vissersmutsjes. Volgens hen draagt de consumptie van 'hipsterkoffie' met sojadrink in plaats van goede oude koemelk bij aan het afbranden van kostbaar Amazonegebied. Maar zijn GroenLinks stemmende, sojacappucino drinkers werkelijk de aanjagers van grootschalige ontbossing voor sojaplantages? NRC oordeelde afgelopen zomer in een fact-check artikel eenduidig: Nee. Soja heeft weliswaar veel te maken met ontbossing, de huidige dynamiek kent belangrijkere oorzaken dan lactosevrije kopjes koffie.

Soja is een veelbesproken onderwerp in debatten omtrent voedsel en duurzaamheid. Soja is ideaal voor Nederlandse veehouders omdat het goedkoop is en het hoge aandeel eiwitten dieren snel laat groeien en produceren. De veeteelt is dan ook de grootste afnemer van soja in Nederland. Er is namelijk nogal wat voer nodig voor het produceren van melk en vlees. Voor de vergelijking: Nederlandse huishoudens consumeren jaarlijks 1.320.590 ton voedsel. De veeteelt consumeert met 1.269.710 ton veevoer bijna net zoveel. Ook kost productie in de veeteelt veel water en energie: waar een liter koemelk met gemiddeld 1050 liter water wordt vervaardigd, is dit voor Europese sojadrink 297 liter. Bovendien wordt het wereldwijde marktaandeel van soja voor humane consumptie momenteel op minder dan 10 procent geschat.

Moeten we dan met z’n allen maar aan de ‘Nedersoja’? De ‘Green Deal Soja in Nederland’ die in 2016 werd gestart, formuleert de ambitie om binnen enkele jaren het areaal voor soja in Nederland op minimaal 10 duizend hectare te brengen. Met het oog op verduurzaming van de landbouw, toekomstperspectief voor agrariërs en een ‘eiwittransitie’ van dierlijke naar plantaardige eiwitten, wordt er geëxperimenteerd met sojateelt op Nederlandse bodem. Het is moeilijk te zeggen waar dit areaal op de al intensief benutte Nederlandse bodem vandaan gaat komen. Daarbij zijn sojagewassen die geschikt zijn voor de Nederlandse bodem nog in ontwikkeling en is de opbrengst voor boeren nog laag. Toch zijn enkelen ervan overtuigd: soja zou wel eens dezelfde ontwikkelingen kunnen doormaken als mais in de jaren ‘60 en ‘70. “Twintig jaar geleden was dat nog nergens te zien in Nederland. Nu staat ons land er vol mee".

Ook Gedeputeerde Staten liet eind 2019 in een brief aan de Provinciale Staten weten zich over Nedersoja te hebben gebogen. In deze brief concludeert GS zich nog “geen actieve rol voor de provincie" te kunnen voorstellen in het stimuleren van de Nederlandse sojateelt.

Wat denken jullie? Moet suikerbieten, aardappelen en lupinen het veld ruimen voor sojabonen? Of kan de provincie op een andere manier haar relatie met de globale sojamarkt verbeteren?


Afbeelding bij blog 10 Nedersoja de hipsterkoffie voorbij