Oasen kiest voorkeursalternatief voor een nieuwe drinkwaterwinning in Zuid-Holland
Drinkwaterbedrijf Oasen heeft Den Hoek en Waal gekozen als voorkeursalternatief voor de volgende fase van het onderzoek naar een nieuwe drinkwaterwinning in de Alblasserwaard en Krimpenerwaard. De benodigde capaciteit van acht miljoen m³ extra wincapaciteit per jaar wordt over deze twee locaties in de Krimpenerwaard en Alblasserwaard verdeeld. Hiermee zet Oasen een volgende stap om ook in de toekomst voldoende en betrouwbaar drinkwater te kunnen blijven leveren.
Zes locaties onderzocht
De keuze voor een voorkeursalternatief volgt op de eerste fase van de milieueffectrapportage (MER). In deze fase zijn 6 locaties onderzocht en op hoofdlijnen met elkaar vergeleken. Ook is afgestemd met de provincie Zuid-Holland, de gemeenten Krimpenerwaard en Molenlanden, Waterschap Rivierenland en Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard. Oasen heeft gekeken naar de uitkomsten van het milieueffectrapport, in combinatie met aspecten als uitvoerbaarheid, planning, leveringszekerheid en effecten op de omgeving.
Toenemende vraag naar drinkwater
De vraag naar drinkwater neemt de komende jaren toe en zonder aanvullende winning ontstaat na 2030 een tekort. Deze beoogde nieuwe winning moet naar verwachting vanaf ongeveer 2033 beschikbaar komen. Dit gebeurt stapsgewijs en zorgvuldig, in samenhang met andere maatregelen, zoals het optimaliseren van bestaande winningen, waterbesparing en onderzoek naar alternatieve bronnen. Tezamen zijn dit belangrijke stappen richting de zekerheid van de drinkwatervoorziening in de regio na 2030.
Vervolgstappen
Het voorkeursalternatief wordt in de vervolgfase zorgvuldig verder uitgewerkt, in goed contact met de omgeving en in samenwerking met betrokken overheden. Daarbij wordt nadrukkelijk rekening gehouden met bestaande gebiedsprocessen en maatschappelijke opgaven die in de regio spelen. Met de keuze voor het voorkeursalternatief start de tweede fase van de milieueffectrapportage. Daarin worden effecten en ontwerpkeuzes verder uitgewerkt en mogelijke maatregelen onderzocht om effecten te voorkomen, te beperken of te compenseren. Ook gaat Oasen in gesprek met perceeleigenaren en andere direct betrokkenen over het vervolg en de planning. Na afronding van MER fase 2 werkt Oasen toe naar de benodigde vergunningprocedures. Voor de grondwateronttrekking is in ieder geval een vergunning van de provincie Zuid-Holland nodig. In deze procedures zijn formele momenten voor inspraak en besluitvorming.
Meer informatie over dit project en het vervolgproces is te vinden op de site van Oasen.
