Let op Lood!




Door eeuwenlang gebruik zit er op veel plaatsen in Zuid-Holland lood in de bodem. Lood kan negatieve effecten hebben op de gezondheid, vooral bij jonge kinderen tot 6 jaar. Door gebruiksadviezen op te volgen, kan de blootstelling aan lood worden verminderd. De provincie gaat in 2018 samen met de omgevingsdiensten de kinderspeelplaatsen onderzoeken op blootstellingrisico’s.

Gebruiksadviezen

Lood komt alleen het lichaam in via hand-mondcontact, oftewel; door het ‘eten’ van aardedeeltjes uit loodhoudende bodem. Door het binnen krijgen van aardedeeltjes te voorkomen, wordt het risico aanzienlijk beperkt. Samen met de GGD’s zijn deze adviezen opgesteld, vooral gericht op ouders van jonge kinderen:

  • Laat kinderen hun handen wassen na het buitenspelen.
  • Laat kinderen niet op onbedekte verontreinigde bodem (“kale bodem”) spelen. Bedek de bodem in uw tuin met gras, struiken of vaste planten. Een kunstgrasmat of bestrating, het liefst waterdoorlatend, zorgen ook voor een goede bedekking.
  • Kies voor een zandbak met schoon zand.
  • Kweek groenten en fruit in plantenbakken met schone grond (potgrond of tuinaarde).
  • Was zelfgekweekte groenten en fruit grondig.
  • Was uw handen na het tuinieren in eigen tuin en voor het eten.
  • Ga de inloop van grond in huis tegen door schoenen te vegen, of ze uit te doen bij het naar binnen lopen.
  • Stofzuig of dweil regelmatig uw huis.

Onderzoek kinderspeelplaatsen

Lood heeft een nadelig effect op de ontwikkeling van de hersenen van jonge kinderen. Daarom is het belangrijk dat met name kinderen tot en met 6 jaar zo min mogelijk lood binnenkrijgen. Zij kunnen lood binnenkrijgen door bijvoorbeeld hun vingers in hun mond te steken tijdens het spelen op een bodem met lood. Omdat kinderen een kwetsbare groep vormen heeft de provincie een plan van aanpak opgesteld voor de kinderspeelplaatsen in de gemeenten waar zij bevoegd gezag is. Samen met de omgevingsdiensten worden de kinderspeelplaatsen onderzocht.

De eerste stap in het onderzoek is om de kans op blootstelling aan loodhoudende bodem in kaart te brengen. Dit gebeurt door foto’s te maken van de inrichting van de speelplaats, waarbij onder meer gekeken wordt in hoeverre de bodem is afgedekt door gras of harde materialen. Indien er mogelijk risico naar voren komt, dan worden er grondmonsters genomen. Als blijkt dat er blootstellingsrisico aanwezig, dan worden maatregelen genomen om blootstelling te voorkomen.