Ontwikkeling verblijfsrecreatie en relatie met bewoning

Datum besluit: 30 juni 2020



De provincie vindt voldoende toeristisch verblijfsplekken in Zuid-Holland belangrijk en is daarom erg terughoudend op mogelijkheden voor permanente bewoning van recreatiewoningen. Dit type gebruik onttrekt recreatiewoningen aan de verblijfsrecreatiesector. Dit vormt de reactie van Gedeputeerde Staten naar aanleiding van vragen van Provinciale Staten en een recentelijk aangenomen motie over dit onderwerp in de Tweede Kamer. Door verschillende omstandigheden worden recreatiewoningen naast toeristisch en recreatief gebruik in elke gevallen ook gebruikt als tijdelijke of langdurige woonlocatie. De provincie verkent met een aantal gemeenten over het toekomstbestendig gebruik van recreatiewoningen op die specifieke parken. Vertrekpunt voor bestaande recreatieparken vanuit de provincie vormt het terugbrengen van het park naar een duurzaam toeristisch-recreatieve bedrijfsvoering. Permanente bewoning zien wij alleen als laatste mogelijkheid als dat past bij de ruimtelijke inpassing, integriteit/ondermijning, toeristisch-recreatief perspectief en de houding van de gemeente.

Type besluit: GS-vergadering