Deel dit op
Op deze pagina vind je de besluiten van Gedeputeerde Staten sinds 1 januari 2017, inclusief de toelichting en de bijlagen. Zo kun je nagaan welke besluiten het college heeft genomen en waarom.
De besluiten van Provinciale Staten vind je in het Stateninformatiesysteem.
De publicaties op deze pagina zijn uitsluitend informatief; ze zijn geen officiële bekendmaking in de zin van de Algemene wet bestuursrecht of Provinciewet. Je kunt er geen rechten aan ontlenen.
Woo-verzoeken: Bekijk de informatie over informatieverzoek Wet open overheid.
Huidige resultaten: 11-20
Gedeputeerde Staten Zuid-Holland reageren op schriftelijke vragen (4351) die gesteld zijn door de fractie JA21 naar aanleiding van de Havenvisie-Rotterdam 2050. Deze vragen gaan over de Havenvisie 2050 van het Havenbedrijf Rotterdam zoals vastgesteld door de Rotterdamse gemeenteraad. In hun antwoorden laten Gedeputeerde Staten onder andere weten hoe deze havenvisie raakt aan de gezamenlijke gebiedsgerichte aanpak voor het Rotterdamse Haven Industrieel Complex van Rijk en regio: NOVEX Rotterdamse haven.
10 maart 2026
Het college stelt hierbij de wijziging van de Omgevingsvisie Zuid-Holland herziening omgevingsbeleid 2025 vast, en biedt deze ter besluitvorming aan Provinciale Staten aan. Het Omgevingsbeleid wordt regelmatig aangepast, deze aanpassingen zijn nodig en wenselijk om het beleid actueel te houden en om in te kunnen spelen op nieuwe ontwikkelingen. De Ontwerp Herziening Omgevingsbeleid 2025 (hierna: Herziening 2025) heeft betrekking op een integrale wijziging van de drie onderdelen van het Omgevingsbeleid: de Omgevingsvisie Zuid-Holland, de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening (ZHOV) en het Omgevingsprogramma Zuid-Holland. Dit besluit heeft betrekking op de Omgevingsvisie Zuid-Holland. Bij dit besluit is ook de Nota van Beantwoording herziening 2025 vastgesteld. In de Nota van Beantwoording worden de ingediende zienswijzen door Gedeputeerde Staten beantwoord.
10 maart 2026
Het college stelt hierbij de wijziging van het Omgevingsprogramma Zuid-Holland herziening omgevingsbeleid 2025 vast, en biedt deze ter kennisname aan Provinciale Staten aan. Het Omgevingsbeleid wordt regelmatig aangepast, deze aanpassingen zijn nodig en wenselijk om het beleid actueel te houden en om in te kunnen spelen op nieuwe ontwikkelingen. De Ontwerp Herziening Omgevingsbeleid 2025 (hierna: Herziening 2025) heeft betrekking op een integrale wijziging van de drie onderdelen van het Omgevingsbeleid: de Omgevingsvisie Zuid-Holland, de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening (ZHOV) en het Omgevingsprogramma Zuid-Holland. Dit besluit heeft betrekking op het Omgevingsprogramma Zuid-Holland.
10 maart 2026
Het college stelt hierbij de wijziging van het Delegatiebesluit Zuid-Hollandse Omgevingsverordening herziening omgevingsbeleid 2025 vast, en biedt deze ter besluitvorming aan Provinciale Staten aan. Het Omgevingsbeleid wordt regelmatig aangepast, deze aanpassingen zijn nodig en wenselijk om het beleid actueel te houden en om in te kunnen spelen op nieuwe ontwikkelingen. De Ontwerp Herziening Omgevingsbeleid 2025 (hierna: Herziening 2025) heeft betrekking op een integrale wijziging van de drie onderdelen van het Omgevingsbeleid: de Omgevingsvisie Zuid-Holland, de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening (ZHOV) en het Omgevingsprogramma Zuid-Holland. Dit besluit heeft betrekking op het Delegatiebesluit Zuid-Hollandse Omgevingsverordening.
10 maart 2026
Het college van Gedeputeerde Staten heeft de brieven aan Provinciale Staten en de gemeenten Dordrecht, Alphen aan den Rijn, Gouda, Hoeksche Waard en Leiden met betrekking tot het Uitvoerings- en investeringsprogramma doorstroming openbaar vervoer vastgesteld. Met dit programma heeft de provincie een onderzoek laten verrichten naar de doorstromingsknelpunten in het openbaar vervoer in de provinciale busconcessies. Van de belangrijkste knelpunten zijn oplossingsrichtingen voorgesteld.
10 maart 2026
Het college stelt hierbij de wijziging van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening herziening omgevingsbeleid 2025 vast, en biedt deze ter besluitvorming aan Provinciale Staten aan. Het Omgevingsbeleid wordt regelmatig aangepast, deze aanpassingen zijn nodig en wenselijk om het beleid actueel te houden en om in te kunnen spelen op nieuwe ontwikkelingen. De Ontwerp Herziening Omgevingsbeleid 2025 (hierna: Herziening 2025) heeft betrekking op een integrale wijziging van de drie onderdelen van het Omgevingsbeleid: de Omgevingsvisie Zuid-Holland, de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening (ZHOV) en het Omgevingsprogramma Zuid-Holland. Dit besluit heeft betrekking op de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening.
10 maart 2026
De startnotitie Herziening Omgevingsbeleid Energietransitie Windenergie beschrijft hoe de provincie het omgevingsbeleid voor windenergie gaat aanpassen. Het gaat om wijzigingen in de Omgevingsvisie en de Omgevingsverordening. Volgens de Omgevingswet start dit proces met een startnotitie die wordt vastgesteld door Provinciale Staten. De herziening sluit aan op eerdere aanpassingen uit de Herziening Omgevingsbeleid 2025 en vormt een volgende stap binnen de Routekaart RES. De provincie wil een aantal bestaande zoekgebieden uit de Omgevingsvisie omzetten naar concrete locaties voor windenergie. De provincie richt zich in eerste instantie op de primaire zoekgebieden in de RES-regio’s Holland Rijnland en Midden-Holland. In de startnotitie staat hoe het proces wordt ingericht, hoe samen met de RES-regio’s ontwikkelstrategieën worden opgesteld en op welke manier inwoners en andere belanghebbenden door middel van participatie verder worden betrokken. In het GS-voorstel vragen Gedeputeerde Staten aan Provinciale Staten om de vaststelling van de startnotitie te betrekken bij de bespreking van de vaststelling van de Herziening Omgevingsbeleid 2025.
10 maart 2026
Met dit besluit stelt het college de voortgangsbrief betreft windenergie in Lansingerland aan Provinciale Staten vast. De Commissie voor de milieueffectrapportage (Commissie mer) heeft een toetsingsadvies uitgebracht over de MER windenergie Lansingerland. De provincie Zuid-Holland neemt het advies over en gaat de punten van de Commissie mer verder uitwerken.
10 maart 2026
Het subsidieplafond bedroeg € 3.200.000,00. Dit subsidieplafond bood onvoldoende ruimte om alle activiteiten die voortvloeien uit de reeds gesloten en nog te sluiten MKB-deals te subsidiëren. Om deze activiteiten te kunnen blijven ondersteunen wordt het subsidieplafond verhoogd met € 300.000,00. Daarmee komt het subsidieplafond uit op € 3.500.000,00.
10 maart 2026
Op 3 januari 2026 hebben wij een Woo-verzoek ontvangen waarin wordt gevraagd om informatie met betrekking tot de mogelijk nieuwe wegverbinding tussen de N208 en de A44. Het Woo-verzoek is afgewezen omdat de gevraagde informatie reeds openbaar is.
5 maart 2026