Gebiedsplannen bieden stevig fundament voor vitaal landelijk gebied
Niet perfect, wel uniek. De analyse van de gebiedsplannen van het Zuid-Hollands Programma Landelijk Gebied (ZH-PLG) laat zien dat er intensief is samengewerkt om concreet aan de slag te gaan. Zijn de gebiedsplannen in totaal al voldoende om alle doelen voor een vitaal landelijk gebied te realiseren? ”Het is een belangrijke stap in de goede richting. Na de stevige warming-up willen we nu versnellen, want we zijn er nog niet”, aldus Mariëtte van Leeuwen, coördinerend gedeputeerde ZH-PLG.
Van praten naar doen
Dankzij de samenwerking tussen gebiedspartners zijn de gebiedsplannen van alle deelgebieden gereed. In die plannen staat beschreven hoe in de gebieden wordt toegewerkt om de doelen voor water, klimaat, natuur, stikstof en landbouw te halen. De provincie heeft de plannen geanalyseerd, onder andere op doelbereik en effectiviteit. Uit de analyse – het Tweede Peilmoment genoemd – is gebleken dat binnen alle gebieden de samenwerking constructief is en er een duidelijke verschuiving heeft plaatsgevonden van praten naar doen.
Ook provincie moet leveren
De gebiedsplannen verschillen in ambitie- en uitwerkingsniveau. In het ene gebied zijn vooral verkenningen opgestart of worden pilots uitgevoerd, terwijl het andere gebied al aan de slag is met een concreet project. Dat is logisch, want elke gebied is uniek en heeft zijn eigen opgaven. Uit de analyse blijkt dat ook de provincie moet leveren. Bijvoorbeeld met het maken van richtinggevend beleid en het stellen van heldere kaders. Daarnaast is er nog een slag te slaan in de samenhang en koppeling met andere opgaven.
182 nieuwe projectvoorstellen
De gebiedsplannen zijn uniek per deelgebied. Dat is geheel in lijn met de keuze van de provincie om verder te gaan met de gebiedsprocessen toen het voormalige kabinet daarmee stopte. De plannen leveren tezamen 182 nieuwe projectvoorstellen op. Hiermee zetten we stappen richting het bereiken van de doelen.
Geld vrij bij Voorjaarsnota
De ingediende projectvoorstellen tellen op tot 427 miljoen euro. Daarvan wordt 367 miljoen euro aan de provincie gevraagd en wordt 60 miljoen euro voorzien met cofinanciering. Voor projecten die dit jaar nog kunnen starten, wordt bij de Voorjaarsnota geld vrijgemaakt uit de 40 miljoen euro die is gereserveerd bij de Investeringsagenda. Hiermee zorgt de provincie voor voortgang en voor het vasthouden van de energie in de gebiedsprocessen. Van het Rijk verwacht de provincie financiering voor de gebiedsplannen vanuit de 20 miljard euro uit het Coalitieakkoord.
Plannen doorontwikkelen
Veel gebieden zijn voornemens hun plannen te blijven doorontwikkelen. ”Het is goed om te constateren dat de handen jeuken”, vinden Van Leeuwen en haar mede-gebiedsgedeputeerden Anne Koning, Aad Straathof en Arne Weverling. Voor de zomer ontvangen Provinciale Staten een voorstel voor de vervolgaanpak van de gebiedsprocessen. Na de zomer gaan Gedeputeerde Staten en Provinciale Staten hierover met elkaar in gesprek.
