Boeren in Zoeterwoudse polders starten met waterinfiltratie
In de polders rond Zoeterwoude gaat de aanleg van waterinfiltratiesystemen van start op de percelen van 26 agrarische bedrijven. Het initiatief komt van de boeren zelf, die ook financieel bijdragen aan het project. In juni 2026 maakte de provincie Zuid-Holland bekend dat subsidie beschikbaar is gesteld voor de uitvoering. Daarmee kan de aanleg nu worden voorbereid.
Op ruim 300 hectare grasland, waarvan ongeveer 90% in de gemeente Zoeterwoude ligt, worden drainagebuizen aangebracht. Via deze systemen kan water vanuit de sloten in de bodem infiltreren. Daardoor blijft het grondwaterpeil beter op niveau en wordt de afbraak van veen vertraagd. Dit helpt om bodemdaling tegen te gaan en leidt naar verwachting tot een vermindering van de CO₂-uitstoot uit de bodem met meer dan 30%.
3 boeren uit de regio
Het project is geïnitieerd door 3 boeren uit de regio. Zij hebben niet alleen gezorgd voor lokaal draagvlak, maar ook zelf geïnvesteerd in de uitvoering. In de Oostbroekpolder doet 84% van de eigenaren met geschikte gronden mee, terwijl in de Grote Westeindse Polder 63% deelneemt. De deelnemende agrariërs dragen ieder € 500,- per hectare bij aan de aanleg.
Het Hoogheemraadschap van Rijnland ondersteunde het project met bodemonderzoeken, emissieberekeningen en kennis uit eerdere projecten met waterinfiltratiesystemen. De provincie Zuid-Holland financiert de uitvoering. Agrarisch collectief De Groene Klaver coördineert de aanleg en speelde daarnaast een belangrijke rol in de samenwerking tussen agrarisch ondernemers, het waterschap en de provincie. Hierdoor zijn de plannen gezamenlijk ontwikkeld en breed gedragen.
Effecten zichtbaar op lange termijn
De effecten van het project zullen op de lange termijn zichtbaar zijn in het landschap rond Zoeterwoude. Door het afremmen van de bodemdaling blijft het veenweidegebied beter behouden. Tegelijkertijd draagt de gereguleerde vernatting bij aan sterkere en soortenrijkere slootkanten. Dat biedt kansen voor weidevogels én versterkt het toekomstperspectief voor een duurzame combinatie van landbouw, natuurbeheer en klimaatdoelen.

